
'Met dit akkoord gaat de student er zo'n 5.000 euro op achteruit' Grotendeels onwaar; next checkt
NRC.NEXT
31 oktober 2012 woensdag
Section: Op de hoogte
In vier jaar tijd 16 miljard euro bezuinigen, dat is 1.000 euro per Nederlander. Maar de student gaat er misschien wel het meest op achteruit, laat het Interstedelijk Studenten Overleg (ISO) weten. In onder meer de Volkskrant zei voorzitter Thijs van Reekum dat 'de afschaffing van de studiefinanciering, de aanpassing van reisrecht naar kortingskaart en afschaffing van de zorgtoeslag zorgt voor een kostenstijging voor de student van circa 5.000 euro per jaar'.
Van Reekum heeft bedoeld te zeggen dat de kosten ,,kunnen oplopen tot zo'n 5.000 euro", zegt hij tegen next.checkt. De berekening is volgens hem gebaseerd op een fictieve student die woont en studeert in Nijmegen, stage loopt in Arnhem en ouders heeft in Den Haag. Deze student loopt 40 weken per jaar stage, ,,vrij normaal in het hbo", en bezoekt 40 weekenden per jaar zijn ouders.
Nu betaalt die per jaar nog 1.000 euro voor zijn ov-kaart, straks krijgt hij alleen 40 procent korting. Zijn reiskosten komen dan uit op 1.380 euro voor zijn stage (40x5x6,90 euro) en 904 euro voor de weekenden (40x22,60 euro). Hij betaalt dus 1.284 euro (1.380+904-1.000 euro) méér dan in de huidige situatie.
Dit is geen modelstudent, dat is duidelijk. Weinig studenten reizen zoveel naar studie of werk én naar hun ouders: bijna 20.000 kilometer per jaar tegenover zo'n 8.000 kilometer voor de gemiddelde ov-studentkaarthouder.
In de berekening neemt het ISO - terecht - ook afschaffing van de basisbeurs mee. Voor uitwonende studenten scheelt dit 3.194,76 euro (266,23x12). Minder logisch is dat ook het verdwijnen van de zorgtoeslag is opgenomen. Volgens het ISO scheelt dit de student 800 euro per jaar, maar volgens het akkoord gaan studenten er mogelijk juist op vooruit doordat de zorgpremie inkomensafhankelijk wordt.
Dat voor bepaalde studenten de kosten kunnen oplopen tot 5.000 euro klopt. En nog wel meer, als je maar genoeg reist. Maar het ISO gaat in zijn rekensom niet uit van de gemiddelde student. We beoordelen de bewering daarom als grotendeels onwaar.
